Gezinsweekend 2009

Een verslag van Ilse Vernet-de Graaf die samen met haar zoon van 11 jaar meedeed aan het gezinsweekend 2009, georganiseerd door Steunpunt Achter de Regenboog Groningen. Haar man Richard, vader van Dylan, is in april van dit jaar overleden.

Vooraf

In één van de knusse houten huisjes in het Scandinavisch Dorp te Eelderwolde mochten Dylan en ik van vrijdag- tot zondagmiddag wonen. Over het eten hoefde ik mij niet te bekommeren, dat werd verzorgd. Dylan keek ernaar uit andere kinderen te ontmoeten die ook zonder een papa of mama verder moeten leven en ik was benieuwd hoe al die andere ouders en kinderen het rooiden.  Vrijdag 11 september, wat een datum,.. enfin. Dylan eerst nog naar school en ik intussen de tassen gepakt, foto’s voor de herinneringsmuur mee, frisbee en warme kleren mee voor de avonden. Op weg naar Eelderwolde zagen we er ineens een beetje tegen op. Waarom wisten we niet goed. Toch maar gaan. Er stonden al  veel  auto’s en er hingen ballonnen en slingers. De mongoolse tenten, 'Gers' en een 'Yurt', stonden tussen de huisjes en hadden vrolijk gekleurde deuren en kleden. Het begon te kriebelen. Dit zou wel eens oké kunnen worden! En al die mensen dan, wie was er van de begeleiding, wie waren er iemand verloren? De kinderen, en jongeren, zouden die allemaal…..? Ja dus….

 

Vrijdag

Allereerst kregen we een knuffel. Voor Dylan was er een pluche hond die hij op het tafeltje voor ons huisje plaatste. “Zo, die kan hier mooi waken!” zei hij. Ik kreeg een rood zacht hart met handjes. Het ijs was gebroken en het weekeind kon beginnen.

Maria Derksen, coördinator van Steunpunt Achter de Regenboog Groningen, stelde haar team voor. Stuk voor stuk lieve mensen die vanuit hun hart spraken. De groepen werden ingedeeld. Ouders en kinderen werkten onafhankelijk van elkaar hetzelfde programma door. De kinderen in de tenten, de ouders in een zaaltje en allen kregen een badge waarop de namen stonden en waarvan de kleur correspondeerde met de overleden personen. Dit vanuit het kind gezien. Iemand wiens moeder was overleden droeg een groen gekleurde badge, zij waarvan de vader was overleden rood. Ook de regels werden ons verteld en uitgelegd. *Discretie; wat in vertrouwen wordt verteld blijft binnensmuurs (tents). *Ieder zijn verdriet is voor die persoon erg. Er zijn geen niveaus van erger of minder erg. *Luisteren, vooral goed luisteren naar elkaar.
Simon, de vuurman, werd door Dylan in de smiezen gehouden, want vuur maken deed papa ook graag en heeft hem daar veel over geleerd. Eerst de kleine takjes, daarna de grotere blokken. “Wanneer gaan we vuur maken Simon?”

Het avondeten bestond uit pannenkoeken, geweldig! Niks gezonde kost, zoals mama altijd probeert erin te krijgen, lekker met je handen oprollen en smullen! En met nieuw gevonden vrienden praten. Daarna in de grote tent  zaten we in een kring en maakten tekeningen van het eigen gezin, ook onze overleden dierbaren kregen daarop een plaats. De kinderen gingen de kring rond zodat er een wat diepere kennismaking ontstond. Daarna maakte elk groepje (drie kindergroepen, een oudergroep en een buitenploeg) een groepsvlag.
Toen weer spelen, in een boom gehangen (Dylan)en onder het genot van drankjes en hapjes en met het vuur geholpen. Verder kennis gemaakt en daarna moe van alle indrukken ons veilige, door pluche Brutus bewaakte huisje in. Lekker slapen.
 

Zaterdag

De volgende ochtend, zaterdag, na het uitgebreide ontbijt buffet gingen we verder met het programma. De kinderen zochten hun groepje op en de ouders elkaar. Steeds opener en vertrouwder durfde ik met de anderen te delen wat er in mij omging en hoe ik de toekomst zag, maar vooral ook niet zag. Hoe ik aanloop tegen het plotseling éénouder gezin te zijn. “Hoe doen jullie dat? Wat hebben jullie ontdekt dat werkt? Ik probeer het zo, hebben jullie daar iets aan?” Kortom eindelijk tijd om te luisteren, te vertellen, te voelen en te delen en elkaar te verzekeren dat we het geweldig doen. Met hulp, veel hulp die er gelukkig hier in het Noorden van Nederland is dankzij  een fantastisch team! En dankzij de sponsoren.
Zaterdag avond na het barbequeen en de toetjes brachten we allen weer rond het vuur door met praten, praten, troosten en lachen.
 

Zondag

Zondagochtend na het ontbijt, huisjes schoonmaken, sleutels inleveren en het laatste deel van het programma meemaken. Schrijf op een plakkertje wat je mooi/fijn/goed vindt aan iemand, wat je wenst voor iemand. Bijvoorbeeld weer muziek maken nadat je man, die ook muziek maakte, overleden is. Het dringt echt door dat we het allemaal goed doen. Zo goed als we kunnen.
Daarna een wens voor de overleden partners aan een met gas gevulde ballon hangen en loslaten. De hemel vult zich met al deze gekleurde ballonnen en wensen. Onze longen vullen zich en we kijken de ballonnen na. Fijn dat wij nog hier zijn. Nog leven. Degenen die heen zijn gegaan hebben het ook goed, dat weet ik zeker!
Om circa 14.00 uur afscheid genomen van alle deelnemers en begeleiders. Knuffels, kussen, zwaaien. Mag ik als eerste mijn oude autootje starten, als hij het niet doet moeten jullie duwen hoor! Dag allemaal. Het ga jullie goed, we zien elkaar weer, want we zijn nog lang niet uitgepraat.
Dankbaar naar iedereen en elkaar dat we dit gedaan hebben reden Dylan en ik naar huis. Dat huis waar zo’n lief deel van ons ontbreekt, maar dat zich langzaam vult met nieuwe herinneringen die ons ook lief zijn.